The Good, the Bad and the Ugly

Elf dagen Mongolië. Wat een reis heb ik meegemaakt. Het bevat alle elementen: The Good, The Bad And The Ugly, want mijn verhaal – met Henry, mijn reisbuddy – is niet alleen rozengeur en maneschijn.

De man in het hotel

Na de nachtelijke rokende man in onze hotelkamer, waarop ik ‘Fuck off’ zei en hij de kamer verliet gingen we ontbijten. Ik had niet veel geslapen en was toe aan een ontbijt. We kletsen met een stel uit Zwitserland die een auto hadden gehuurd. Dat is 200 dollar per dag, exclusief bezine of gas waar de meeste auto’s hierop rijden. Veel auto’s zijn een Prius. Een chauffeur, wat wij hebben, kost 40 dollar per dag inclusief gas, maar dan ben je wel gebonden aan een chauffeur.

Na het ontbijt wachten we op onze chauffeur, maar hij kwam niet. We hadden om 9 uur afgesproken en hij was er nog steeds niet om half 10. Om 10 uur komt hij binnen lopen. Wij waren al chagarijnig – in ieder geval ik – want er waren ineens muggen, tot dan toe heb ik geen mug in Mongolië gezien en nu zijn ze overal, en dan bedoel ik, echt overal. Als je vijf minuten staat dan zitten er zeker dertig op je. Ik had geen slaap gehad en nu kwam hij te laat terwijl wij vandaag zouden gaan hiken. Iets waar ik al lang naar uit zag.

‘Het is hier (in Khovd) een uur later,’ zei Buddee onze chauffeur. We keken op de klok. ‘Swallow your words,’ zei ik tegen Henry, want wij zaten fout. Met name ik. We vertrokken dus op tijd.

Hiking

Onderweg zagen we nog een paardenwedstrijd van jonge jongens vanwege het Nadaam Festival, terwijl we zochten naar de ingang van het natuurpark. We konden het niet vinden en besloten dat we gingen hiken. Het is zo prachtig overal, dus het maakt niet uit waar je loopt. Ook vroegen we ons af of er wel een ingang is. Mongolië is een groot natuurpark.

Er zijn drie miljoen Mongolen. Waarvan er twee miljoen op het platteland wonen en een miljoen in UB.

Het hiken was fantastisch. We zagen paarden, het water wat meandert, de steppe, de bergen, sneeuw op de bergen. De foto’s zeggen genoeg.

De ger in Ölgii

Hierna gingen we door naar Ölgii, de grote stad in het westen. Een stad zou ik het niet noemen. Het is een groot dorp. Ik had een ger geboekt, want ik wilde niet nog eens een man in mijn kamer. Ik ben geen groot fan van de hotels op het platteland van Mongolië.

We kwamen aan in Ölgii en Buddee wees ons op het water dat overal in de straten stond. Bedenk je in dat er veel straten bestaan uit zand. Het is dus een modderpoel. We gingen naar de gerkamp.

De gerkamp was een grote modderpoel. Buddee kwam niet meer bij van het lachen. We liepen rond op het kamp en het was een grote ramp. We besloten te gaan en op zoek te gaan naar een hotel.

Weer een hotel in Ölgii

Na een uur rijden vinden we een hotel. Er blijken allemaal ambtenaren in het hotel te zitten van de overheid, veel Duitsers die helpen, dus dit moet een goed hotel zijn. De Duitsers zitten hier – leer ik later – doordat ze nog een band met Mongolië hebben uit de Communiste tijd. Deze ambtenaren vroeg ik het ook, maar die waren niet happig om te vertellen waarom zij als Duitsers voor de Mongoolse overheid werkten. Door de vloed is er echter geen water en stroom in het hotel.

Ik had geluk dat er een half uur warm water was waardoor ik kon douchen. Ik hoorde Henri op de kamer terwijl ik in de douche stond en vroeg of het gelukt was met de Permit die we nodig hadden om de bergen in het westen in te gaan. Hij reageerde niet. Ik deed de deur op een kier en daar stond Buddee. Ik stond oog in oog met hem en ik was naakt. Ik deed de deur snel weer dicht en bromde iets. Ik zal het niet herhalen.

Het was gek dat er alleen een driepersoonskamer was nu Buddee geen kennissen in deze stad had. Of ben ik nu gek? In ieder geval sliep hij die nacht bij ons. Wat ook wel goed was voor onze band. Nadat hij mij ook naakt heeft gezien.

Op weg naar de bergen

Wonder boven wonder ging de volgende dag soepel. Een van de ambtenaren wees ons het kantoor waar we de Permit kochten die je nodig hebt voor het park. Buddee regelde voor een goede prijs een chauffeur en om 12 uur zaten we met twee chauffeurs en een nieuwe jeep – een hele vette! – op weg naar de bergen.

We stopten onderweg voor eten en ontmoeten een Duitser en Andy, een Amerikaan die vertelden dat ze twee dagen in de sneeuw op de bergen zaten. Hoe gaaf! Ik had er zin in. We reden door tot we om 21.00 uur aankwamen in het basiskamp. Morgen zouden we met twee paarden omhooggaan en dan weer naar beneden.

The Bad

En toen kwam er een man met het verhaal dat we geen Permit hebben. Geen Permit? Jawel, die hebben we gekocht deze ochtend. Nee, dat was onze toegang, maar we moesten een aparte Permit hebben. We vertelden het verhaal van die ochtend, maar nee, dat was niet voldoende.

Ze hielden onze paspoort. We konden of veel dollars betalen – wat we niet gingen doen. Of terug naar Ölgii om de permit te halen. We moesten sowieso een boete betalen, want we waren in overtreding. Wij zeiden dat het niet wisten en dat onze twee (!) chauffeurs het ook niet zeiden.

We moesten in de jeep wachten en onze chauffeurs kregen op de kop. Buddee kwam terug en moest bijna huilen. Hij zei dat het hem speet, op zijn Mongools, en dat er was gedreigd om hem in de gevangenis te stoppen totdat wij betaald hadden. Wij zeiden dat we natuurlijk gingen betalen – we lieten hem niet zitten. De andere chauffeur reageerde nonchalant en ik had het idee dat het hem meer om het geld ging.

The Ugly

Lang verhaal kort, we kregen onze paspoorten terug. We hoefden niet te betalen. De jeep-chauffeur zei dat hij had betaald en dat hij het betaalde door vier nieuwe passagiers mee te nemen terug naar Ölgii. Er zat niets anders op dan terug te gaan. Ik vermoed dat Buddee toch heeft betaald om zichzelf vrij te kopen en dat de jeep-chauffeur een deal heeft gemaakt, maar ik heb er geen bewijs voor. In ieder geval was Buddee nu onze vriend.

The Bad (again)

Nu reden we dus terug na Olgii. Het werd een lange dag, avond, nacht en ochtend. Vroeg in de morgen kwamen we aan. Er was geen stroom in Olgii en we konden dus niet tanken. We zaten vast. We wachten tot 9 uur totdat Buddee het lef had om naar Khovd te rijden. Waarom dat eerst niet kon en toen wel, want er was geen tankstation onderweg, geen idee, maar we reden en ik wilde graag weg.

Ik zat op het dieptepunt van mijn reis. We zaten veel meer in de auto dan ik wilde, ik voelde me vastgeketend aan de auto en de chauffeur, we moesten nog zeker drie dagen rijden tot we terug zouden zijn in Mörön – wat de deal was – en hoewel we elke keer een Gear wilde eindigden we te vaak in een vies hotel dat naar sigaretten rook, zonder stroom, zonder water, en je betaald wel de volle pond.

Pull The Plug

We kwamen aan in Khovd en ik besloot dat ik met de bus naar UB wilde. Ik stop. Henry wist niet wat hij moest doen en Buddee was in paniek. Henry stelde voor om te eten, want we hadden niet geslapen en nauwelijks gegeten. Dat deden we. Ik besloot bij de zus van Buddee te slapen en Henry nam een hotel. Henry belde me en zei dat ik ook een vliegticket kon nemen in plaats van een bus van 48 uur. Ik dacht na en zei ja: we vlogen terug.

The Good

De volgende dag was fantastisch. Het begon uiteraard met naaktheid. Ik sliep in de bedbank van de zus en haar man. Zij sliepen op de grond en Buddee op een andere bedbank. Met zijn allen in hun Gear.

Ik werd wakker, draaide mij om en keek naar het naakte lichaam van de man van de zus die naakt met zijn edele delen in zijn hand op de grond lag zonder deken. Zij deed net haar BH aan. Ik draaide me weer om.

Ontbijt

Na het ontbijt van melkthee, dat ik nu wel kon drinken, en koekjes liep ik naar Henry toe. We bezochten de markt. We pasten traditionele kleding. Henry dacht na over een nieuwe schoenenbusiness – het importeren van Mongoolse schoenen naar de USA.

We lunchten met Buddee en zijn zus en het was heerlijk eten. We betaalde Buddee alles ook al waren het minder dagen. We besloten nog een keer te gaan naar de markt totdat onze vlucht ging. Zij gingen mee en zorgden ervoor dat we Kazakse muziek kregen van Buddee.

Vlucht naar UB

Buddee wachte met ons op het vliegtuig op het kleinste vliegveld dat ik ooit bezocht heb. We knuffelde elkaar – ja met Buddee – en ik zal deze reis nooit vergeten. Het was zo anders dan ik dacht, maar ik heb veel geleerd, ik baal onwijs dat ik de berg niet beklommen heb, maar ik had de Mongoolse gastvrijheid, de kleine dorpen, de naaktheid en misschien zelfs de funzige hotels, niet willen missen.

En ik heb nog tien dagen in Mongolië. Wordt vervolgd…

This slideshow requires JavaScript.

Leave a Reply

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.